GENT

Belfort, Lakenhalle, kerken, Lam Gods, het Steen, begijnhoven

~ ~ ~ ~

Geschiedenis

In 630 koos St Amandus de plaats uit waar Leie en Schelde samenvloeien om er de St Baafs-abdij te stichten, die rond 660 werd gevolgd door de St Pieters-abdij. Rond 850 en 880 verwoestten de Noormannen heel de stad, en ze vestigden zich lange tijd aan de Schelde. Ter bescherming werd een garnizoen (castrum) opgericht op de plaats van het huidige Gravensteen. De verschillende dorpskernen smolten later samen tot één grote stad ; Gent !

Vanaf 1000, was Gent voor meer dan 500 jaar de grootste stad van de Nederlanden, en één van de belangrijkste steden van Europa. Gent was groter dan Londen of Keulen, en buiten Italië was enkel Parijs groter! In 1180 verwierf de stad zeer specifieke privilegies van de toenmalige Graaf van Vlaanderen, Filip van de Elzas, en deze bouwde na zijn terugkomst uit de Kruistochten het Gravensteen.

In de 13e eeuw telde de stad zo'n 60.000 inwoners. Tot aan de Guldensporenslag in 1302 heersten rijke families over de stad. Omdat ze meestal de zijde kozen van de Franse koning, tegen de graaf van Vlaanderen in, kregen ze de scheldnaam Leliaerts, afkomstig van de lelie op het Franse wapenschild. Wanneer de ambachten en de gilden nadien meer politieke macht verwierven, kreeg Gent een meer democratisch bestuur.

Tijdens de Honderdjarige Oorlog (1337-1453) tussen Engeland en Frankrijk koos Gent resoluut de zijde van Engeland, omdat het economisch nauw verbonden was met de Engelse wolhandel, en omdat de Engelsen dreigden de invoer van grondstoffen te blokkeren. Op 26 januari 1340 ontving Jacob van Artevelde trouwens koning Edward III van Engeland in Gent. Nochtans moest de stad in 1345 haar verbond met Engeland opgeven en opnieuw de koning van Frankrijk erkennen.

Gent was eeuwenlang de belangrijkste stad van de Nederlanden voor laken, vlas en katoen. In de 19de eeuw was het de grootste vlasfabrikant van West-Europa, en tevens de eerste geïndustrialiseerde stad van het vasteland, ook wel het Manchester van het vasteland genoemd!

Op 24 februari 1500 werd Keizer Karel geboren in het Hof ter Walle, het latere Prinsenhof. Karel zei ooit van Gent "Je mettrai Paris dans mon Gant" (Ik zal Parijs in mijn handschoen/Gent steken)... Nochtans stond Gent sterk op zijn privilegies, en weigerde het in 1537 de centrale vorstelijke wetgeving van haar eigen prinsenkind te aanvaarden.

Karel V moest in 1540 persoonlijk zijn geboortestad weer in het gareel brengen. Hij maakte hij een eind aan de macht van de gilden en verplichtte de stedelijke regenten om blootsvoets, in een boetekleed, en met een strop rond de hals vergiffenis te vragen. Gentenaars worden daarom nog steeds stroppendragers genoemd. Gent verloor al zijn privilegies, Klokke Roelandt werd uit het Belfort gehaald, en de stad werd gedegradeerd tot een tweederangs provinciestad.

Gent : Van Artevelde - socialistische bewegingGent speelde een belangrijke rol in de opkomst van het Calvinisme. Antwerpen was reeds een bolwerk, en tussen 1577 en 1584 was er zelfs een Gentse Calvinistische Republiek gevestigd! Maar na 1584 weken de meeste Calvinisten uit naar de noordelijke Nederlanden. De bevolking halveerde, en bovendien verloor de stad haar doorgang naar de zee, wat een periode van verval veroorzaakte.

Vanaf 1750 werd Gent opnieuw de grootste stad van België, en bleef dat tot aan de hongersnood van 1845.

Vanaf 1795 zou het als eerste stad van het vasteland haar linnen- en katoennijverheid mechaniseren, onder meer nadat Lieven Bauwens rond 1785 een spinmachine, de "Mule Jenny", en geschoold personeel uit Engeland naar Gent smokkelde. Hiervoor werd hij door de Britten ter dood veroordeeld, maar Gent werd een van de eerste industriesteden van Europa. In 1826 werd Gent weer een zeehaven, dankzij het kanaal Gent-Terneuzen.

Ook in 1830 bleef Gent zijn eigen richting varen, want bij de strijd om de Belgische onafhankelijkheid kozen de bewoners de zijde van Nederland... Omwille van de zeer sterke industrialisering is Gent tevens de eerste stad waar moderne vakbonden werden opgericht, en waar de socialistische beweging ontstond.

De stad Gent

Enkel reeds het panorama van de Gentse binnenstad en de schilderachtige kanalen maken een bezoek de moeite waard. De Graslei en de Korenlei en de al even schilderachtige St Michielsbrug zijn slechts het begin van een hoogst merkwaardige ontdekkingstocht!

Van 1313 tot 1380 werd het Belfort gebouwd, symbool van de zelfstandigheid van de stad, en de klokkentoren werd uitgerust met de legendarische Klokke Roelandt. Het Belfort is de middelste toren van de beroemde torenrij, die het samen met de Sint-Baafskathedraal en de Sint-Niklaaskerk vormt.

Tegen het Belfort aangebouwd staat de Lakenhalle. In Brabantse gotiek prijst dit gebouw de nijverheid, waaraan de stad zoveel te danken heeft. Op de hoek van de Lakenhalle bevindt zich een oude cipierswoning. Op de voorgevel prijkt de Mammelokker, die de legende uitbeeldt van de tot de hongerdood veroordeelde Simon. Deze werd nochtans gered door zijn dochter, die hem dagelijks aan haar mamme liet lokken...

Gent binnenstad Gentse kanalen
binnenstad
Gentse kanalen
Gras- en Korenlei St Michielsbrug
Gras- en Korenlei
St Michielsbrug
Belfort en Lakenhalle de "Mammelokke"...
Belfort en Lakenhalle
de "Mammelokker"...

De St Baafskathedraal werd gebouwd tussen 1450 en 1600. Doordat de kerk in verschillende schijven werd herbouwd, vertoont ze een nogal uiteenlopende verzameling van Romaanse, Gotische, en Barokke architectuur. Het interieur is nochtans versierd met gewoon onschatbare schilderijen en beelden, waaronder het altaarstuk "Het Lam Gods", een polyptiek met 24 panelen, geschilderd door Jan van Eyck in 1432.

De stad Gent wordt door ettelijke rivieren en kanalen in een kleine eilandjes verdeeld, die verbonden zijn door ongeveer 200 bruggen. Twee belangrijke kanalen verbinden de Gentse waterwegen met de zee. Een eerste kanaal leidt naar Terneuzen op de Schelde, een tweede verbindt Gent met Brugge en Oostende.

In 1180 werd het imposante Gravensteen gebouwd door de toenmalige Graaf van Vlaanderen, Filip van de Elzas. Een ander "steen" of huis uit de jaren 1200 is het steen van Geeraard de Duivel. In de 14de eeuw werd het gekocht door de stad, en sindsdien werd het gebruikt als ridderverblijf, wapenarsenaal, klooster, school, seminarie, gesticht, tehuis, en gevangenis... Na 1910 betrok het Rijksarchief het gebouw.

St Baafskathedraal
Het Lam Gods
St Baafskathedraal
Het Lam Gods
et Gravensteen
Het Duivelssteen
Het Gravensteen
Het Duivelssteen

Het Patershol is een van de oudste wijken van Gent, en een echt middeleeuwse doolhof! Driehonderd jaar geleden stonden er statige woningen van de magistratuur, en vervolgens werden het kleinere arbeiderswoningen. Maar de fabrieken verplaatsten zich vanaf 1900 naar de buitenwijken, zodat het Patershol het verblijf werd van de minstbedeelden: een wijk van kroegen, logementshuizen, en bordelen! Vanaf 1980 herstelde de wijk zich nochtans, en veel van de zowat 100 beschermde huizen zijn volledig gerestaureerd. Talrijke restaurants vonden er hun plaats, en de kleine straatjes nodigen alvast uit tot een gezellige wandeling, en een al even gezellig etentje!

De stad Gent is tevens goed voorzien van begijnhoven. Het Klein Begijnhof is een stadsbegijnhof, dat maar liefst 750 jaar oud is! Helaas ontbreekt er geld om dit begijnhof volledig te restaureren, en sommige delen zijn in verval geraakt. Het Groot Begijnhof in St-Amandsberg is "meer modern" en dateert van 1873. Het concept lijkt wel een beetje op een middeleeuwse ommuurde stad, maar in minder dan 2 jaar tijd bouwde men 80 huizen, 14 conventen, een groothuis, een infirmerie, een kapel van Sint-Antonius van Padua, en een kerk. Het Oud Begijnhof in St Elisabeth is dan weer een stedelijk begijnhof.

Patershol Klein Begijnhof
Patershol
Klein Begijnhof
Groot Begijnhof
Oud Begijnhof
Groot Begijnhof
Oud Begijnhof
Lees verder met een bezoek aan Hasselt en Ieper of keer terug naar Overzicht

~ ~ ~ ~