DE DOLLE KOE IN AMERIKA

~ ~ ~ ~

De Dolle Koeienziekte

De Amerikaanse Dolle Koe is een ietwat misleidende titel, want deze koe bestaat officieel niet...

In 2004, tijdens de Amerikaanse crisis over Dolle Koeien Ziekte, spoot Mw. Harrison, de spreekbuis van het Ministerie van Landbouw, onophoudelijk allerhande geruststellende berichten de wereld in. Bovine spongiform encephalopathy of BSE houdt in de Verenigde Staten niet het minste gevaar in voor de gebruiker, en Amerikaans vlees is volslagen veilig!

Om te beginnen is deze boodschap voor haar waarschijnlijk niet uitzonderlijk, want voor ze in het ministerie werkte, was ze hoofd van de Public Relations van de National Cattlemen's Beef Association, van waaruit ze jaren lang hetzelfde ministerie bevocht, om nieuwe gezondheidscontroles te vermijden...

Ook in Europa en Japan werden de Ministeries van Landbouw lang gedomineerd door de industrie, wat alvast gedeeltelijk de snelle verspreiding van de dolle koeien-ziekte mogelijk maakte.

Europa en Japan

In 1986 circuleerde in de Britse administratie een memo, die letterlijk vermeldde dat deze ziekte "ernstige gevolgen zou kunnen hebben voor de export en mogelijks ook voor mensen". De memo vervolgde met te benadrukken dat elk verder nieuws over de ziekte derhalve volslagen vertrouwelijk diende behandeld te worden! Het is hartverwamend te lezen dat de export eerst kwam, en dat mensen pas op de tweede plaats vernoemd werden...

Toen in 1996 de eerste menselijke gevallen van Creutzfeldt-Jakob opdoken in Groot-Brittannië, verklaarde de minister van landbouw Douglas Hogg nog met een stalen gezicht dat Brits vlees volkomen veilig was. Maar drie maanden later verklaarde Stephen Dorrell, de minister van Volksgezondheid, op een hoorzitting dat het zou kunnen dat de dolle koeien-ziekte de barrière tussen dieren en mensen had overbrugd.

In de nasleep van dit Britse politieke schandaal weigerden Europa en Japan nog Brits vlees te importeren, maar ontkenden onder druk van hun eigen vlees-lobby al even hard dat ze net hetzelfde probleem hadden! Slechts nadat in diverse landen algemene controles werden ingevoerd, bleek dat ook deze beweringen vals waren.

cartoon Vache Qui Rit

In 2001 vond een senatoriale onderzoeks-commissie dat de Franse Minister van Landbouw stelselmatig het gevaar van de ziekte minimaliseerde, en al even stelselmatig de introductie verhinderde of vertraagde van nieuwe maatregelen.

Deze zouden namelijk een nefaste invloed kunnen hebben op de competitiviteit van de agro-levensmiddelen industrie...

Zo ook verweet in 2002 een gelijkaardige commissie in Japan hun Ministerie van Landbouw wegens een "ernstig slechte administratie", en kwam ze tot de vaststelling dat bij elke beslissing stelselmatig de belangen van de industrie eerst werden gediend!

Het Amerikaanse department van landbouw

Volgens de (schaarse) kritieken is het moeilijk een federaal agentschap te vinden, dat nog méér door de industrie gedomineerd wordt dan dit van Landbouw, daar waar het eigenlijk opgericht werd om deze industrie te controleren. Zo heeft bijvoorbeeld Dale Moore, vroeger de belangrijkste lobbyist van de National Cattlemen's Beef Association, in het agentschap de functie gekregen van Chief of Staff. Ook ettelijke andere topfiguren uit de verpakkingsnijverheid en de National Pork Producers Council zetelen in de Raad. Hun enige tegenhangers zijn consumenten-groepen!

Het Amerikaanse ministerie van landbouw heeft een dubbele taak. Het moet er voor zorgen dat het Amerikaanse vlees veilig is voor de consument, maar tegelijk moet het ook de verkoop bevorderen van de Amerikaanse industrie. De industriële en politieke zwaargewichten hebben in hun achterkamertjes reeds lang het eerste doel compleet opgeofferd aan het tweede...

Sedert méér dan 20 jaar wordt elk initiatief voor controle en tests gewoon gekelderd! De reden hiervoor is eenvoudig ; als er niet getest wordt op enige ziekte, kan de verspreiding ervan niet nagegaan worden, zijn er ook geen statistieken voorhanden, en (zeer belangrijk!), moet er ook niemand opdraaien voor de kostprijs van dit programma...

Aangezien de ongerustheid van de Amerikaanse consument over de veiligheid van zijn vlees bij elk nieuw geval steeds toenam, werden om de haverklap nieuwe "veiligheidsmaatregelen" voorgesteld. Deze waren echter enkel voor de schijn.

Zo werd bijvoorbeeld voorgesteld dat "downer cattle" (koeien die te ziek zijn om nog te staan) moesten aangegeven worden, dat ze niet meer mochten geslacht worden, en dat hun ruggengraat niet meer mocht gebruikt worden in het voedselproces. Dit zou toelaten dat van zieke koeien kan opgespoord worden van welke boerderij ze afkomstig zijn, en dat verdere maatregelen kunnen genomen worden om de verspreiding van de ziekte te beperken. In vele landen zijn dit slechts minimale procedures, die reeds jaren werden omgezet in wetteksten. aarschijnlijk was de voornaamste bedoeling van het Amerikaanse ministerie van landbouw dan ook om andere landen er toe te bewegen hun import-beperkingen op Amerikaans vlees op te heffen...

Wat in de praktijk gebeurd, is dat op de Amerikaanse boerderij alle zichtbaar zieke koeien gewoon worden omver geknald! Dit "lost" het probleem ineens op, en de boerderij ontwijkt behendig elke vorm van controle. Wat er nadien gebeurd met het vlees, de beenderen en het bloed van het kadaver, laat zich slechts raden... Waardoor er helemaal geen Amerikaanse Dolle Koeien bestaan, wat ons terug brengt naar de titel van dit artikel!...

Controle en richtlijnen

Opgepast : koeien !

Van een ernstige productie-controle wordt echter nog steeds geen werk gemaakt. Het zoveelste voorstel om een nationaal programma op te zetten om stelselmatig alle dieren te testen op dolle koeien-ziekte werd ongenadig afgeschoten.

De administratie citeert graag een wet van de FDA (Food and Drug Administration) uit 1997, waarbij geen dierlijke producten mogen gebruikt worden als dierenvoedsel. Deze wet bevat echter zoveel gaten, dat men er een hele kudde koeien kan door sturen...

Zo mag er nog steeds dierenbloed in veevoeder gemengd worden, en bovendien is deze wet slechts een papieren wet, die zo goed als niet wordt toegepast.

In 2001 meldde een studie dat 20 % van de Amerikaanse veevoederbedrijven geen enkele test uitvoeren op eventuele contaminatie, en dat 25 % van de bedrijven in Colorado zelfs niet eens op de hoogte waren van enige maatregelen tegen Dolle Koeien-ziekte. In 2002 meldde een andere studie dat de database van de FDA dusdanig slecht was, dat ze niet eens gebruikt kon worden voor enige ernstige controle. Veertien jaar na de Europese ban op dierlijke proteïnen in het veevoeder beschikte de FDA nog steeds niet over een complete lijst van veevoeder-bedrijven en veehouderijen!

Verder baseert de administratie zich in haar argumentatie graag op statistische analyses van het Harvard Center. Deze worden berekend door computermodellen over de verspreiding van de ziekte. Maar Harvard zelf zegt er veiligheidshalve wel bij, dat er geen statistieken of cijfers bestaan over de introductie en het verloop van de ziekte, en dat hun analyses derhalve niet formeel mogen gevalideerd worden...

Buiten de eigen slachtproductie van méér dan 30 miljoen dieren, importeren de Verenigde Staten nog eens 1,7 miljoen dieren uit Canada, en 2,6 miljoen uit Mexico, waar de administratie zo mogelijk nog trager is. Op dit totaal werden niet meer dan 20.000 dieren getest!

In België worden meer dan 400.000 dieren jaarlijks getest, op slechts een fractie van de Amerikaanse productie. In Japan wordt gewoon elk dier getest. De Amerikaanse consumentenorganisaties eisten dat onmiddellijk veralgemeende tests op Dolle Koeien-ziekte werden uitgevoerd, en dat besmet vlees onmiddellijk uit de handel werd verwijderd. Op dit ogenblik was de verwijdering van besmet vlees in de USA nog steeds vrijwillig, en (niet verwonderlijk...) ook niet zeer efficiënt om dit vlees uit de supermarkt te bannen.

De consumentenorganisaties eisten tevens dat het Department of Agriculture zou opgesplitst worden in twee onafhankelijke agentschappen, waarvan er één verantwoordelijk zou zijn voor veilig voedsel.

De hedendaagse situatie

In September 2010 publiceerde de Europese Commissie voorstellen om de kosten te verminderen van het programma dat waakt tegen BSE en zijn menselijke vorm, de variant Creutzfeldt-Jakob, die toch het leven kostte aan 169 Britten. Er wordt gezegd dat elke beslissing zal gebaseerd worden op betrouwbare wetenschap, maar tevens dat het "onmogelijk" is om alle risico uit te sluiten van enige introductie van de ziekte in de voedselketen.

Sedert 1986 werd bij 181.114 dieren BSE vastgesteld, wat uitdraaide op het vernietigen van 4 miljoen stuks vee, maar meer recent is de ziekte sterk afgenomen. Tussen 2007 en 2009 zakte het aantal gevallen in Groot-Brittannië van 53 naar 9.

De Europese Commissie wenst de reglementen te verzwakken omwille van het verdwijnen van de ziekte, en om zich beter te kunnen concentreren op andere gevallen, zoals salmonella en microbiële resistentie, die een groter gevaar vormen voor de menselijke gezondheid! Wordt vervolgd...

Lees meer over Bacteriën en virussen in opmars !

~ ~ ~ ~